,

Interview met Camilla Läckberg

Op 8 mei werd top auteur Camilla Läckberg geïnterviewd door John Vervoort. Het interview vond plaats in het Elzenveld te Antwerpen. Een oud, tot hotel verbouwd, klooster. Met een prachtige spookachtige tuin die zo uit één van haar boeken kan komen.
Over het verloop van de avond heb ik al een verslag geschreven. Hier volgt een impressie van het interview.

Camilla Läckberg is geboren op 30 augustus in Fjällbacka Zweden. Haar volledige naam is Jean Edith Camilla Läckberg. Ze is moeder van 3 kinderen. Van huis uit is ze econoom en maar werkt tegenwoordig als schrijfster. Naast haar bekende thrillers heeft ze ook kinderboeken en kookboeken geschreven.
Haar thrillers spelen zich af in haar geboorteplaats Fjällbacka, een plaatsje aan de Zweedse westkust. De hoofdpersonen in haar boeken zijn schrijfster Erika Falcke en politieagent Patrik Hedström. Hun persoonlijke leven loopt in de boeken door terwijl er in ieder deel een afgeronde moordzaak staat.
De boeken van Camilla Läckberg worden in 55 landen verkocht en zijn in 37 talen vertaald. Alleen al in Nederland en Vlaanderen zijn er in totaal meer dan 550.000 exemplaren van haar boeken verkocht.

John Vervoort (1958) is bij de Vlaamse thriller liefhebbers bekend als recensent van De Standaard en Het nieuwsblad. Hij is een regelmatige gast in radioprogramma’s waar hij mensen warm probeert te maken voor het thriller genre. Hij doceert aan de Schrijvers Academie van Antwerpen en staat in Vlaanderen bekend als de thrillerspecialist.

Het is een prachtig geschenk om mensen te kunnen laten wegdromen.

Namens iemand van Standaard boekhandel werd iedereen welkom geheten. Daarna was het woord aan de directeur van VBK België die kort Camilla Läckberg introduceerde en welkom heette.
Daarna namen Camilla Läckberg en John Vervoort plaats en kon het interview starten.

De toon is gelijk gezet wanneer hij vertelt dat ook het publiek vragen mag stellen. Camilla Läckberg springt daar direct met een vrolijke lach op in en zegt dat er alles, echt alles, gevraagd mag worden “I love questions” zegt ze. Zonder moeite heeft ze de lachers op haar hand en ook tijdens de rest van het gesprek weet ze regelmatig een gulle lach bij het publiek los te maken. Wat ook opvalt is dat ze de mensen die speciaal voor haar gekomen zijn het gevoel weet te geven dat ze van harte welkom zijn. Het gesprek gaat niet puur tussen haar en de interviewer, ze spreekt vaak rechtstreeks tot haar publiek.
Het publiek dat in grote getale is komen opdagen hangt aan haar lippen en is duidelijk in de ban van deze vrolijke en vriendelijke auteur.
John Vervoort was duidelijk goed voorbereid en had zich in de boeken van Camilla Läckberg verdiept. Hoewel het een interessant en vermakelijk interview was, had het toch niet de spontane wisselwerking die ik gezien had bij haar interview met Marion Pauw.

Impressie / samenvatting van de vragen en antwoorden

Hoe was het leven in een klein vissersdorpje? Klopt het dat er in Fjällbacka speciale rondleidingen zijn over de plekken waar de moorden in je boeken plaatsvonden? Hoe vinden de bewoners het dat het nu een beroemd plaatsje is?

Het was heel veilig om daar op te groeien, iedereen kent iedereen en alle mensen passen op elkaar en de kinderen. Pas als tiener vond ik het minder leuk en wilde ik de wijde wereld gaan verkennen.
Ik was best bezorgd hoe de bewoners al de aandacht voor het dorp zouden vinden. Gelukkig zijn ze erg trots op hun Fjällbacka en vinden ze het niet meer dan terecht dat de hele wereld wil komen kijken. Eigenlijk zouden de meeste mensen het ook erg leuk vinden als het volgende lijk in mijn boeken in hun tuin komt te liggen.
Dan komt hun tuin meteen in de rondtoer die inderdaad bestaat. Er zijn meerdere gidsen die in vijf verschillende talen alles over de locatie van de moorden kunnen vertellen. Ik ben zelf ook een keer meegegaan met een oude gids die ik al heel mijn leven ken. Toen kwam ik in discussie met hem over waar in een bepaald boek het lijk lag. Hij gaf niet toe, zelfs niet toen ik zei dat ik als auteur toch echt wel wist waar mijn lijken lagen (gelach in de zaal, zeker toen ze dus nog aan het publiek de tip gaf om een andere gids te nemen).

Heb je altijd thrillers willen schrijven? Je werkte eerst als econoom, wanneer ging je toch voor het schrijven? Hoe kom je op je ideeën?
Altijd al heb ik een vreemde fascinatie met het “Dark and horrible” gehad. Als kind vond ik dat soort verhalen al veel leuker als de boeken die leeftijdsgenootjes over paarden en zo lazen. Als vierjarige maakte ik al mijn eerste verhaaltje. Door te vouwen en te tekenen maakte ik een boekje, en omdat ik nog niet kon schrijven moesten mijn ouders opschrijven wat ik vertelde. Het begon heel lief met de kerstman en z’n vrouw maar al snel was de kerstvrouw dood. Mijn moeder heeft dat boekje nog, dat is erg leuk om te zien.

Ik was waarschijnlijk de meest ongelukkige econoom van Zweden, ik vond het echt saai (hierna verontschuldigt ze zich met een grapje bij de eventueel aanwezige economen) maar ik geloofde niet dat schrijven meer kon zijn dan een mooie droom. Wel praatte ik er altijd over en omdat mijn vriendin genoeg had van al dat gepraat schreef ze me in voor een schrijfcursus. Zo ontstond het eerste boek IJsprinses. Het idee ontstond door een plaatje dat ik in mijn hoofd zag van een dode vrouw in een badkuip. En door een krantenbericht over een misdaad die na 25 jaar verjaard was.
Toch koste het me nog 2,5 jaar om het verhaal af te schrijven. Soms schreef ik maanden niet omdat een stemmetje in mijn hoofd bleef zeggen “je kunt niet schrijven”. Daar moest ik me dan steeds weer overheen zetten.

Hoe ging het verder toen je het boek af had? Hoe was het om voor het eerst je boek in handen te hebben?
Toen ik het manuscript eindelijk durfde op te sturen heb ik het naar drie uitgevers gestuurd. Het was heel moeilijk om het los te laten en de gok te wagen. Want gaan voor mijn droom betekende ook dat ik kon falen. Vijf dagen later had ik van één van de uitgevers al bericht dat ze het wilde uitgeven.
Ik weet nog heel goed hoe het was toen de eerste doos met boeken bij mij bezorgd werd. Het was niet te geloven dat mijn naam op het boek stond. Maar ik was nog veel meer onder de indruk van het ISBN nummer, dat maakte het zo officieel. Met tranen in de ogen riep ik “O my god, I have my own ISBN number”. Een geweldig gevoel.

Hoewel het boek goed verkocht besefte ik als econoom dat dit niet genoeg inkomen was om van te leven. Ik ging op zoek naar een literaire agent en had het idee om heel hoog te starten (bij de literaire agent van Liza Marklund) en dan steeds een stapje lager te gaan. Maar ondanks dat hij geen debuten aannam zag hij wat in het boek en nam me aan.

Steeds meer boeken werden verkocht, inmiddels in 55 landen en in 37 talen. Voor de promotie kom ik in heel veel landen.

Waar trek je de lijn in wat je schrijft en over geweld in je boeken? In oorlogskind schrijf je bij een lichaam zelfs over de geur en de maden?
Het hangt van de situatie af. Voor het effect doe ik het niet maar soms past het gewoon in het verhaal. en het past bij mij. Ik heb een bucket list met ook hele gewone dingen erop. Maar er staat ook een bezoek op aan de bodyfarm van de FBI (op deze plek doen ze onderzoek op lichamen).
Bij geweld trek ik geen lijn omdat je als auteur vaak schrijft over je eigen grootste angsten.

Je schrijft om te entertainen. Wil je ook wat vertellen met je boeken over bijvoorbeeld politiek of families?
Moeilijke vraag om te beantwoorden. In Zweden zijn er veel auteurs met een agenda. Ze zeggen bijvoorbeeld “Ik schrijf niet zomaar een thriller maar ook over politiek”. Ik heb dat standpunt niet, entertainen is voor mij genoeg. Het is een prachtig geschenk om mensen te kunnen laten wegdromen.
Dat gezegd hebbende, natuurlijk heb ik ook persoonlijke punten die naar voren komen in de boeken. Maar geen agenda.

Wat is er mis met de lezers van thrillers dat ze lezen over moorden en dergelijke?
Dat is denk ik een menselijk ding, het gaat over omgaan met onze angsten. We willen graag thuis op een veilige plek bang worden.

Er zijn grofweg twee categorieën schrijvers namelijk A) de schrijvers die een basis idee hebben en dan wel zien wat er gebeurt. En B) de schrijvers die eerst alles doordenken en dan pas gaan schrijven. Wat past bij jou?
Zeker A. Ik heb een titel, een dader en een motief en dan begin ik. Bij Leeuwentemmer had ik als eerste de titel (waarom weet ik niet), daarna had ik een plaatje in mijn hoofd over een klein meisje opgesloten in een kelder. Daarna ging ik denken: Waar is ze? Wie is ze? Waarom is ze daar?.
De eerste 70 pagina’s zijn het moeilijkst, dan moet ik creëren en alles uitzetten. Pas daarna kan ik verder. In de startperiode is mijn huis dan ook heel schoon. Ik was (desnoods de katten), poets, sorteer de sokken op kleur. Alles om maar niet te hoeven beginnen.

Het schrijven probeer ik in kantooruren te doen. Met 3 kinderen, een man en 4 katten is dat het handigst. Als ze naar werk en school zijn ga ik aan de slag en schrijf in mijn pyjama, op mijn sloffen en zonder make-up op.

Hoe zie je kinderen hun beroemde moeder?
Zij zijn het gewend en hun vrienden ook. Ze zijn denk ik wel trots maar verder is het geen big deal. Ze vonden het wel leuk toen ik aan Dancing with the stars meedeed (Ik werd vierde).

Heeft Erica veel van jou weg?
Het was niet het plan dat ze op mij lijkt, ik gaf haar blond haar en maakte haar vijf jaar ouder. Maar ging toch mijn eigen ervaringen gebruiken. Ze is ongeveer 50 procent mij.

Hoeveel boeken komen er nog?
Zolang ik geniet van het schrijven komen er boeken.

Begrijp je waar je succes in zit / vandaan komt?
Ik heb geprobeerd om dat te analyseren. Wat is het dat lezers zo fascinerend vinden aan mijn boeken? Het zijn Erica en Patrik denk ik, veel mensen lezen om hun levensverhaal te lezen, naast moord waarderen ze de herkenbaarheid.

Daarna vraagt Camilla aan het publiek om haar te vertellen waarom ze haar boeken lezen. Dat was een erg leuk moment.

Hoe doe je onderzoek voor je boeken?
Ik doe veel research en weet door mijn interesses ook wel het een en ander. Ik lees, praat met mensen en zoek met Google informatie op. Het hangt ook van het tijdperk af hoeveel onderzoek ik moet doen.
Als ik genoeg weet om overtuigend te liegen ga ik schrijven.

Ook de mensen in het publiek konden vragen stellen. Waarna het interview afgesloten werd met een overweldigend applaus.

En was het natuurlijk tijd om stapels boeken te gaan signeren…

2 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*

code

CommentLuv badge